Showbizzsite 2020
'Wij hebben niet het gevoel dat mijn vader er niet meer is'.
André Hazes Jr. is amper 19 jaar maar wat klinkt hij volwassen. Ik merk het steeds opnieuw wanneer ik met hem praat. Aan zijn vader denk ik in de eerste plaats niet, maar ik praat er met hem wel graag over.
André Hazes Jr.: 'De vergelijking met mijn vader wordt steeds minder eigenlijk, omdat ik nu meer mijn eigen liedjes zing. Ik blijf wel liedjes van mijn vader zingen, omdat de mensen dat willen horen. En ik blijf ze ook met heel veel liefde brengen. Maar ik doe het op mijn eigen manier. Ik zie er ook anders uit, ik kleed mij anders, mijn vader was blond, ik ben donker. Dus de vergelijking wordt gelukkig steeds minder. Mijn vader is natuurlijk wel mijn held en mijn leermeester. Ik heb echt zoveel van hem geleerd. En ik blijf zijn zoon, en ik draag zijn naam waar ik ontzettend trots op ben. Maar ik ben wel een andere persoon. Ik ben erg trots als mensen mij op een positieve manier met mijn vader vergelijken. Maar er zijn ook mensen die dat heel graag op een negatieve manier willen doen...'
Rouwen
'Ik heb het ook niet meer moeilijk om over mijn vader te praten, het is ondertussen negen jaar geleden dat hij overleden is. Zolang het positief is, praat ik er heel graag over. Maar als iemand negatief is, kap ik het altijd af. Ik ben ook fan van mijn vader en wij zijn elke dag met hem bezig. Zing ik zijn muziek niet, dan hebben we het wel gewoon thuis over hem. Wij hebben nooit het gevoel gehad dat mijn vader er niet meer is. Dat is heel gek. We zien hem niet meer maar we hebben het net zoveel over hem. Ik denk dat het onze manier van rouwen is.'
Ik ben heel aardig
'Hoe het komt dat ik in Vlaanderen graag gezien word? Ik denk dat het is omdat ik heel aardig ben. (lacht) Ik doe ook normaal. Er zijn heel veel artiesten die zich hoger voelen dan andere mensen, wat natuurlijk nergens op slaat. Dat heb ik van mijn vader geleerd: als je normaal doet en je onder de mensen houdt, dan kom je toch het verste. En het gaat ook steeds meer blijken. Gelukkig!'
(Kim Wauters)